De Mad Hatter Tea Party, en de denkhoeden van Edward de Bono

Schermafbeelding 2017-05-03 om 09.06.20.png

Rond 1900 waren hoeden een onmisbaar onderdeel van de outfit.  Ze zijn dan ook veelvuldig geschilderd door schilders als Picasso, Henri Matisse en Kees van Dongen. Je laat zien wie je bent door de soort hoed dat je draagt. Je kan er je eigen stijl mee uitdrukken, je persoonlijkheid benadrukken, of de rol die je op dat moment vervuld onderstrepen.

Zou dat Edward de Bono geïnspireerd hebben tot het bedenken van zijn methode met de zes Denkhoeden?

Schermafbeelding 2017-05-03 om 08.21.59.pngHoedenmakers gebruiken hun creativiteit door de ontwerpen aan te passen aan de tijd waarin men leeft en de mode. De Mad Hatter uit Alice in Wonderland maakt elke keer weer een nieuwe hoed waarmee hij de wondere wereld van Alice misschien zou kunnen verlaten.

De afgelopen tijd voelde ik me een beetje de Mad Hatter, er bruiste van alles en er was een explosie aan ideeën. Na het lezen van het boek Gamedidactiek (2017) van Martijn C. Koops broeide het. Ik had al door hoe verslavend digitale spellen de les zijn. Mijn derde jaars leerlingen willen bijvoorbeeld echt niet stoppen met het spelen van Quizlet Live en vragen elke les weer om een spel.

Bij Quizlet Live moeten 12 vragen op rij goed beantwoord worden om te kunnen winnen. Het is digitaal en ook al zit er een opbouw in, het blijft voor de leerlingen onduidelijk wat nu eigenlijk het doel is, behalve winnen natuurlijk.

In eerste instantie had ik het idee dat de suggesties in het boek Gamedidactiek niet geschikt voor mijn vak waren. Maar zoals het vaker gaat borrelde het nog wat door en ineens kon ik niet meer slapen van de vele ideeën, zelfs voor het spel ‘Wie is het ?’ had in een variant in gedachten. Al deze ideeën moesten worden opgeschreven, of liever nog, gerealiseerd! Dus als een Mad Hatter aan de slag, te beginnen met de denkhoeden van Edward de Bono.

9683260_orig.jpgDe Duitse filosoof Immanuel Kant (1724 – 1804) schreef ‘Sapere aude!’ ‘Durf te denken!’.
Leren denken moet in het onderwijs
vanzelfsprekend zijn, vaak is er echter maar een antwoord goed en willen we dat de leerling juist dat antwoord produceert dat wij van ze verwachten. De toekomst verlangt iets anders van ze, zoals verbeeld in het schema van de 21stcentury skills.
In een kunstexamen zien we veel vragen die gaan over de zeggingskracht van een kunstwerk, de emotie. Soms moet je je inleven in de kunstenaar en het proces beschrijven hoe een werk tot stand is gekomen, een andere keer wordt er van de leerling verwacht dat ze zich verplaatsen in tegenstanders van een werk of het tegenovergestelde, waarom je helemaal enthousiast kan worden van een werk. Vaak moeten zij een werk objectief kunnen analyseren, wat zie je nu eigenlijk? En natuurlijk is het hartstikke belangrijk je te kunnen laten inspireren door de vele kunstwerken die met een druk op de knop binnen je bereik zijn. Ze moeten vooral zelfstandig kunnen denken, en dat vinden ze moeilijk. Het is niet zo dat je een formule uit je hoofd kan leren en wanneer je deze consequent uitvoert kom je altijd tot het goede antwoord. Nee, je zal moeten kijken, nadenken en je antwoord helder verwoorden.

Edward de Bono (1933) bedacht de denkhoeden. Deze denkhoeden helpen je in een bepaalde richting te denken. De kleur van de hoed geeft wie je op dat moment bent, of beter gezegd welke rol je op dat moment speelt. Het inzetten van een hoed met een bepaalde kleur helpt je om te focussen. Je hoeft niet je zelf te zijn maar je moet je rol spelen, het is daarmee veilig om ook in een groep je mening te geven. Het is tenslotte de mening die je baseert op de kleur van de hoed die je op dat moment draagt.

Hoe sluiten de denkhoeden van Edward de Bono nu aan bij wat ik eerder schetste over een examen kunst. Wel heel eenvoudig eigenlijk.

Schermafbeelding 2017-05-03 om 10.22.13.pngRood staat voor de emotie, wat voel je nu? wat is je eerste reactie. Deze rode hoed sluit aan bij het beschrijven van de zeggingskracht van een kunstwerk. Dat kan zijn agressief, beweeglijk, chaotisch, eenzaam, dramatisch, feestelijk enzovoorts.

 

 

 

Schermafbeelding 2017-05-03 om 10.21.49.pngDe witte hoed gaat uit van de informatie die je hebt, het kunstwerk zelf bijvoorbeeld. Dit kan je gedetailleerd beschrijven met behulp van de aspecten van de vormgeving. De informatie die bij een kunstwerk hoort, bijvoorbeeld de kunststroming kan opgezocht worden en de leerling met de witte hoed beschrijft wat hij ziet en leest en in hoeverre dit met elkaar overeen komt. We gaan dus ook aandacht besteden aan ICT geletterdheid omdat veel leerlingen de informatie op zullen zoeken op hun mobiel of met de chromebooks.

 

MeSchermafbeelding 2017-05-03 om 10.22.23.pngt de gele hoed beschrijft de leerling vol enthousiasme het kunstwerk, alle goede dingen worden benoemd. De kunststroming wordt geroemd en er mag geen kwaad woord gezegd worden.

 

 

 

 

Schermafbeelding 2017-05-03 om 10.21.57.pngDe zwarte hoed echter bekijkt het kunstwerk vanuit een negatief standpunt, zal de stroming waartoe het werk behoort belachelijk proberen te maken. Deze leerling is de recensent die het werk waardeloos vindt. Zoals de recensie van Louis leroy in het tijdschrift ‘Le Charivari’ met de titel ‘De tentoonstelling van de impressionisten’ de uiteindelijke naamgever was van de stroming. Hij verwees naar het werk Impression, soleil levant van Monet liet hij zich geringschattend uit over de ‘impressies’ die de kunstenaar trachtten te maken.

 

Schermafbeelding 2017-05-03 om 10.22.05.png

Met de blauwe hoed gaat de leerling het werkproces beschrijven. Hoe is de kunstenaar op zijn idee gekomen, tot welke stroming behoort hij of zij? zijn er schetsen gemaakt, welke techniek is er gebruikt voor dit materiaal? 

 

 

 

Schermafbeelding 2017-05-03 om 10.21.35.pngEn als laatste de groene hoed. Met de groene hoed wordt de creativiteit gewekt, wat zou jij kunnen doen op basis van dit werk en de achtergronden die bij de kunststroming horen. Hoe zou jij een nieuw werk kunnen maken op basis van deze. Laat je inspireren.

 

 

 

Als een echte Mad Hatter heb ik de hoeden gemaakt, van hout weliswaar. Ze zijn de fiches die de leerlingen grabbelen. In een groepje van zes krijgen ze kaarten met werken uit de kunstgeschiedenis, daarop staat tot welke kunststroming het werk behoort, de titel, het jaartal en de naam van de kunstenaar.

Hun bevindingen schrijven ze op. Ze verwerken de gegevens van de zes denkhoeden plus een afbeelding van een kunstwerk in een digitaal bestand, wellicht met Padlet. Zo zijn ze met elkaar bezig om op verschillende manieren na te denken over kunst en hun gedachten onder woorden te brengen.

Na de vakantie ga ik het testen, zelf heb ik ik goede hoop dat ze dit zal inspireren om op verschillende manieren naar kunst te kijken. En natuurlijk kom ik er op een later moment op terug om mijn ervaringen te delen.

 

 

Advertenties